Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016

Onder 3.41 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:56.

Het onderdeel betoogt dat de overwegingen van het Hof in rov. 2.12.1-2.12.3 van het eindvonnis onjuist, althans onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd zijn in het licht van de volgende stellingen. Ten eerste is [verzoeker] geen partij bij de Kredietovereenkomst, zodat Korpodeko geen beroep kan doen op art. 5 Kredietovereenkomst en [verzoeker] geen verplichting heeft om als aandeelhouder van DAE aan te blijven, tenzij Korpodeko voor een aandelenoverdracht toestemming zou hebben gegeven. Ten tweede ziet het Hof, volgens [verzoeker], eraan voorbij dat Korpodeko niet heeft onderbouwd waarom zij belang had bij Sandmanns blijvende betrokkenheid bij DAE, terwijl [verzoeker] heeft gesteld dat hij op geen enkele wijze gehouden was tot ondersteuning van DAE in financieel of commercieel opzicht. Ten derde heeft [verzoeker] aangevoerd dat met de aandelenoverdracht en de kwijtschelding van achtergestelde vorderingen, Korpodeko niet daadwerkelijk is benadeeld; dat [verzoeker] genoodzaak was de aandelen af te stoten; dat [verzoeker] met het aangaan van de SPA geen enkele betaling heeft ontvangen op zijn achtergestelde vorderingen. De omstandigheid dat Korpodeko geen aflossingen zou hebben ontvangen op haar uitstaande lening bij DAE komt geheel voor rekening van Korpodeko en houdt met de Achterstellingsovereenkomst geen verband.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/196bb36df7bed8e588c236a51dee9c9dd2eef15b036d52afd7fad428f0ce990d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 196bb36df7bed8e588c236a51dee9c9dd2eef15b036d52afd7fad428f0ce990d, en de alinea staat in dat document op bytes 92866 tot 94216.