Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 februari 2016

Onder 3 Parket bij de Hoge Raad 23 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:560.

38. Het openbaar ministerie kan de vordering tot verlenging indienen niet eerder dan twee maanden en niet later dan een maand vóór het tijdstip waarop de maatregel voorwaardelijk eindigt, aldus het eerste lid van art. 77t Sr. Deze bepaling verklaart hier onder meer art. 509oa Sv van overeenkomstige toepassing. Daardoor is een verlengingsvordering die later dan een maand vóór het tijdstip waarop de plaatsing in een inrichting voor jeugdigen door tijdsverloop zal eindigen, maar binnen een redelijke termijn is ingediend, niettemin ontvankelijk indien er bijzondere omstandigheden aanwezig zijn waardoor de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen, ondanks het belang van de betrokkene, verlenging van de maatregel eist.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e609bbbfd525c10a417cce4fb418bf8e9939a9082429da08d161025d9c5b584. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e609bbbfd525c10a417cce4fb418bf8e9939a9082429da08d161025d9c5b584, en de alinea staat in dat document op bytes 97224 tot 98065.