Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016

Onder 3.23 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:563.

De belanghebbende merkt op dat haar incidentele cassatieberoep is ingesteld voor het geval het principale beroep in cassatie faalt. Voor zover de Staatssecretaris suggereert dat zij erkent dat zij geen prestatie onder bezwarende titel jegens [I] c.s. zou hebben verricht, bestrijdt zij dat met klem. Weliswaar bestrijdt zij niet ’s Hofs r.o. 4.3, maar zij onderschrijft volledig ’s Hofs r.o. 4.4, inhoudende dat zij een rechtsbetrekking is aangegaan met [I] c.s. ingevolge welke zij kosten aan [I] c.s. heeft doorbelast. De belanghebbende komt incidenteel uitsluitend op tegen ’s Hofs oordeel dat inkoop-btw op kosten die voor rekening van de belanghebbende blijven niet aftrekbaar is omdat geen ‘rechtstreeks en onmiddellijk verband’ zou bestaan tussen die kosten en de belaste prestatie van de belanghebbende jegens [I] c.s.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c65d1624bc45c80e5edf71d0336b987b30878cf8340ece45fd7c23074cf2240c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c65d1624bc45c80e5edf71d0336b987b30878cf8340ece45fd7c23074cf2240c, en de alinea staat in dat document op bytes 80120 tot 80970.