Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016
Onder 30 Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:568.
Op het moment dat aan de hand van een of meer indicatoren is vastgesteld dat een transactie ongebruikelijk is, dient deze transactie te worden gemeld. Ingevolge artikel 19 van de Wet MOT dient daarbij geheimhouding van het feit dat een melding wordt gedaan tegenover de cliënt in acht te worden genomen. Dit stelsel van meldingsplicht en geheimhouding brengt met zich dat de beroepsbeoefenaar niet wordt geacht over de melding in overleg te treden met de cliënt. Hoewel artikel 8, tweede lid, van de herziene richtlijn inzake witwassen voor (kandidaat)-notarissen, advocaten, onafhankelijke juridische beroepsbeoefenaars, accountants en belastingadviseurs de mogelijkheid open laat om een uitzondering op de geheimhoudingsplicht in het leven te roepen, is hier niet voor gekozen. Reden hiervoor is dat in de aard van de door dit besluit aangewezen dienstverlening geen rechtvaardiging kan worden gevonden om te voorzien in een regeling die afwijkt van de reeds bestaande voorschriften inzake geheimhouding. Immers, de meldingsplicht is op zichzelf niet onverenigbaar met de door het vertrouwensbeginsel beheerste relatie tussen advocaat en cliënt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4fd5d36fc6dd9b0f1705e6b3795db8b937264dcc48b9c220746094928361099f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4fd5d36fc6dd9b0f1705e6b3795db8b937264dcc48b9c220746094928361099f, en de alinea staat in dat document op bytes 58691 tot 59855.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4fd5d36fc6dd9b0f1705e6b3795db8b937264dcc48b9c220746094928361099f | shasum -a 256