Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016
Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:57.
Men doet daarmee recht aan de verwachtingen die partijen mogen koesteren. De uiteindelijke verschuldigdheid van de betalingen ter uitvoering van het vonnis is immers nog onzeker. Ook de ontvanger van die betalingen weet dat en, in stuitingstermen gezegd, van hem kan daarom worden verlangd er rekening mee houden dat hij de beschikking houdt over zijn gegevens en bewijsmateriaal, opdat hij zich tegen een dan mogelijkerwijs alsnog door de schuldeiser ingestelde vordering behoorlijk kan verweren. (Zoals gezegd, behoeft het appel niet mede een vordering uit onverschuldigde betaling in te houden. Indien het appel die vordering wel inhoudt, doet de ontvanger van de betalingen er goed aan gegevens te bewaren over welk bedragen door hem op welke momenten zijn ontvangen).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/955b34c25a8e9bda1544f83add5f75b544a1e4a6adf2f4bff53b57e6aeda7830. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 955b34c25a8e9bda1544f83add5f75b544a1e4a6adf2f4bff53b57e6aeda7830, en de alinea staat in dat document op bytes 52354 tot 53139.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/955b34c25a8e9bda1544f83add5f75b544a1e4a6adf2f4bff53b57e6aeda7830 | shasum -a 256