Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016
Onder 3.2. Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:571.
30. Overigens geldt voor beide getuigen dat anders dan in de schriftuur wordt gesteld de afwijzingsbeslissing van het hof op 3 februari 2014 niet onbegrijpelijk is. Het hof volstaat niet met te overwegen dat er geen noodzaak is en dat het hof voldoende is ingelicht, maar stoelt dat op een drietal verklaringen van de meest direct betrokkenen waaronder in het bijzonder verdachte en [betrokkene 8] . Zelfs als er aanwijzingen zijn dat een of meer andere (minder direct betrokken) getuigen anders, althans meer in de vanuit een verdedigingsoogpunt wenselijke richting, zullen verklaren (en dat is in de kern hetgeen zeer volhardend en uitvoerig zowel in hoger beroep als in cassatie wordt gesteld), betekent dat nog niet dat het daarom nodig is die getuigen te horen, althans dat het onbegrijpelijk is ze niet te horen. De enkele omstandigheid dat het hof in het eindarrest de hier bedoelde drie verklaringen mogelijk anders zal wegen dan de verdediging wenst, maakt dit niet anders.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e79d3b245814bb76bf36caa4dc69f8cb6ffb5a95d986491e3920d9413be2891. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e79d3b245814bb76bf36caa4dc69f8cb6ffb5a95d986491e3920d9413be2891, en de alinea staat in dat document op bytes 48154 tot 49150.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e79d3b245814bb76bf36caa4dc69f8cb6ffb5a95d986491e3920d9413be2891 | shasum -a 256