Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016
Onder 3.2. Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:571.
31. Rest nog de bestrijding van de afwijzing van het verzoek de (toen meegebrachte) getuige [getuige 9] te horen ter zitting van het hof van 20 maart 2014. De klacht betreft de begrijpelijkheid van de invulling van het verdedigingscriterium. Het hof acht daarbij naast andere (door het hof niet nogmaals geëxpliciteerd) gronden (zie ook hierboven onder 30) van betekenis dat de getuige [getuige 9] tot 1 februari 1994 (als projectleider) werkzaam was bij Bouwfonds of diens rechtsvoorganger. Het is niet onbegrijpelijk dat het hof de eigen wetenschap van deze getuige bij voorbaat kon aanmerken als zo verouderd dat deze niet relevant was voor de beantwoording van vragen in de strafzaak tegen verdachte.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e79d3b245814bb76bf36caa4dc69f8cb6ffb5a95d986491e3920d9413be2891. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e79d3b245814bb76bf36caa4dc69f8cb6ffb5a95d986491e3920d9413be2891, en de alinea staat in dat document op bytes 49160 tot 49879.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e79d3b245814bb76bf36caa4dc69f8cb6ffb5a95d986491e3920d9413be2891 | shasum -a 256