Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016

Onder 6.4. Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:583.

Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat zij op 21 mei 2014 omstreeks 13.35 uur in de keuken stond van haar woning aan de [a-straat 3] te [plaats] toen zij een personenauto midden op de weg stil zag staan in de richting van de percelen 2 en 1 aan de [a-straat ] . Het betrof een donkere Volkswagen. Er stonden toen vier personen bij deze auto. Zij zag vervolgens dat deze personen in de auto stapten en wegreden in de richting van de nummers 2 en 1 van de [a-straat ] . De auto reed achterwaarts de oprit van de woning van [a-straat 1] op. Toen zij de auto niet meer zag en deze dus kennelijk op de oprit bleef staan terwijl zij wist dat de bewoners niet thuis waren, heeft zij de politie gebeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd1cd26b820500b2549784ca5e9f0c2e3276f0826c443adb24891e9d5630b9fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd1cd26b820500b2549784ca5e9f0c2e3276f0826c443adb24891e9d5630b9fe, en de alinea staat in dat document op bytes 81112 tot 81834.