Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016

Onder 3.6. Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:583.

Maar hebben de hierboven aangehaalde arresten nu ook voldoende houvast gegeven voor de rechtspraktijk, die regelmatig met uiteenlopende vormen van medeplegen en medeplichtigheid wordt geconfronteerd, bieden zij kortom de verfijning waarbij de rechtspraktijk baat heeft in de veelomvattende en soms moeilijk te beoordelen casuïstiek van de dag? Met het oog op die vraagstellingen hebben mijn ambtgenoot Spronken en ik nadien gewezen arresten van de Hoge Raad over medeplegen en medeplichtigheid, en de onderliggende uitspraken van de hoven, nog eens nader geanalyseerd. Onze slotsom is dat de contouren van deze vormen van deelneming en de tussenliggende demarcatielijn zich kennelijk nog niet helemaal scherp hebben laten aftekenen. Naar onze mening komt dit niet zozeer doordat de vraag of er sprake is van medeplegen of medeplichtigheid van de waardering van de concrete omstandigheden afhangt, maar (ook) doordat het toetsingskader dat door de Hoge Raad is uiteengezet in de praktijk nog vragen oproept.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd1cd26b820500b2549784ca5e9f0c2e3276f0826c443adb24891e9d5630b9fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd1cd26b820500b2549784ca5e9f0c2e3276f0826c443adb24891e9d5630b9fe, en de alinea staat in dat document op bytes 15868 tot 16889.