Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016
Onder 3.7. Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:583.
In de ene zaak liet de Hoge Raad een veroordeling wegens medeplegen in stand ten aanzien van een verdachte die met het oog op een te plegen inbraak in een supermarkt een medeverdachte voor sluitingstijd had ingesloten in de meterkast in het magazijn, opdat die medeverdachte op een geschikt moment de alarmkabels kon doorknippen waarna de anderen naar binnen zouden gaan. Van belang is verder dat het hierbij om een vaste modus operandi ging van een criminele jeugdgroep. Kennelijk was de Hoge Raad in deze zaak van oordeel dat, ter voltooiing van de beoogde diefstal, het insluiten al als een eerste, en tevens belangrijke, feitelijke uitvoeringshandeling van de inbraak kon worden aangemerkt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd1cd26b820500b2549784ca5e9f0c2e3276f0826c443adb24891e9d5630b9fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd1cd26b820500b2549784ca5e9f0c2e3276f0826c443adb24891e9d5630b9fe, en de alinea staat in dat document op bytes 17149 tot 17920.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dd1cd26b820500b2549784ca5e9f0c2e3276f0826c443adb24891e9d5630b9fe | shasum -a 256