Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016
Onder 6.6. Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:594.
In de “Aan het middel voorafgaande beschouwing” is betoogd dat bij een geringe betrokkenheid van de verdachte voor, tijdens en na het begaan van het feit er niet van een intellectuele of materiële bijdrage van voldoende gewicht kan worden gesproken, en dat dit ook geldt als (de aard van) de rol van de verdachte onduidelijk is of niet kan worden vastgesteld. Gering is de bijdrage bijvoorbeeld wanneer de verdachte slechts de vluchtauto heeft bestuurd en de mededaders naar de plaats delict heeft gebracht en/of hen daar heeft opgewacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b96d73933cc1da595e244119ebf8059adbe9630a4d4cdb9551432b452cf3da5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b96d73933cc1da595e244119ebf8059adbe9630a4d4cdb9551432b452cf3da5, en de alinea staat in dat document op bytes 82470 tot 83090.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b96d73933cc1da595e244119ebf8059adbe9630a4d4cdb9551432b452cf3da5 | shasum -a 256