Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 april 2016

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 22 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:612.

In het verlengde hiervan slaagt naar mijn mening ook klacht III , dat is gericht tegen het oordeel in rov. 2.17, tweede volzin, dat [eiseres 3] niet gesteld zouden hebben dat zij anderszins door de normschending is getroffen in enig belang. Gezien het hierboven bij 2.4 opgemerkte, meen ik dat de klacht terecht veronderstelt, dat het hof daarmee bedoelt dat niet gesteld zou zijn dat [eiseres 3] ‘anders dan door de enkele normschending’ in zijn belang is getroffen. Zo gelezen, is dat oordeel inderdaad niet afdoende gemotiveerd in het licht van het betoog in de MvG nrs. 19-22, zoals weergegeven in de klacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/90355a088fe89e18b7b8de0e0c5dd76334e9540e31e6d73cac658e0c7a9fbcfa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 90355a088fe89e18b7b8de0e0c5dd76334e9540e31e6d73cac658e0c7a9fbcfa, en de alinea staat in dat document op bytes 39379 tot 40045.