Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 april 2016

Onder 2.2.2 Parket bij de Hoge Raad 22 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:612.

De figuur van de positieve fictieve beschikking in art. 46 (oud) Woningwet beoogt het bieden van zekerheid aan de aanvrager van de bouwvergunning dat binnen drie maanden op zijn aanvraag zal moeten zijn beslist. Daardoor wordt een door burger en bouwbedrijfsleven gesignaleerd knelpunt, te weten een traag verlopend besluitvormingsproces bij de gemeente, weggenomen, een en ander zonder dat het belang van de gemeente in onaanvaardbare mate in het gedrang komt; het gaat om een extra prikkel voor het bestuursorgaan om tijdig te beslissen. Niemeijer schetst dat de achtergrond van de bepaling lag in economische overwegingen en belangen van de bouwpraktijk waar men van mening was dat beslissingen op bouwaanvragen te lang uitbleven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/90355a088fe89e18b7b8de0e0c5dd76334e9540e31e6d73cac658e0c7a9fbcfa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 90355a088fe89e18b7b8de0e0c5dd76334e9540e31e6d73cac658e0c7a9fbcfa, en de alinea staat in dat document op bytes 20354 tot 21292.