Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2016

Onder 3.11. Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:677.

Maar ook indien de Hoge Raad mij niet zou volgen bij de vraag of in de bewijsconstructie van het hof is gebruikgemaakt van het resultaat van een politieverhoor lijkt mij het aangewezen dat de Hoge Raad het middel bespreekt. De kernvraag daarin is die naar het ‘overgangsrecht’ inzake het recht van de verdachte om zich bij het politieverhoor te laten bijstaan door een advocaat. Uit de recente uitspraak van de Hoge Raad van 22 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3608, NJ 2016/52 m.nt. Klip, waarin dat recht (uiteindelijk) is erkend is niet zonder meer af te leiden hoe de erkenning van dat recht zich verhoudt tot ‘oude’ gevallen zoals het onderhavige. Het op korte termijn verschaffen van duidelijkheid op dat punt komt in ieder geval de rechtspraktijk ten goede.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/930a30af97454e8a028e105aaf2584817f03b7f95bd9eed911486eac2420276a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 930a30af97454e8a028e105aaf2584817f03b7f95bd9eed911486eac2420276a, en de alinea staat in dat document op bytes 24654 tot 25501.