Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2016

Onder 2.35 Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:70.

Beide partijen hebben in hun schriftelijke toelichtingen informatieve rechtsvergelijkende beschouwingen opgenomen. Uit die beschouwingen blijkt vooral, dat waar het doorberekeningsverweer wordt aanvaard, voor de honorering daarvan niet blijkt van dezelfde restricties als die welke zouden gelden bij toepasselijkheid van art. 6:100 BW, meer in het bijzonder (naast een toetsing van het causale verband en de gezamenlijke oorsprong van schade en “voordeel” in “een zelfde gebeurtenis” ) die van een door de rechter uit te voeren redelijkheidstoets. Dat, zoals TenneT c.s. hebben aangevoerd , het Duitse Bundesgerichtshof het verweer beoordeelt “nach den Grundsätzen der Vorteilsausgleichung” acht ik, in het bijzonder met het oog op de aanvaarding van het doorberekeningsverweer in het Europese mededingingsrecht, van minder belang dan de vraag welke beperkingen voor de honorering van dat verweer uit het leerstuk van Vorteilsausgleichung voortvloeien. ABB c.s. hebben uit de bedoelde uitspraak afgeleid dat het doorberekeningsverweer onder Duits recht in het algemeen (categorisch) is toegelaten. Zo zou bij Vorteilsausgleichung geen redelijkheidstoets gelden en zou een adäquater Kausalzusammenhang tussen de meerprijs enerzijds en de aan de indirecte afnemers in rekening gebrachte prijs volstaan .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a7a7f62be4f016ec0e272afd5c708d0f9545b4f9c1add0f132c5bc169a32ee2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a7a7f62be4f016ec0e272afd5c708d0f9545b4f9c1add0f132c5bc169a32ee2, en de alinea staat in dat document op bytes 102968 tot 104632.