Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2016
Onder 3 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:708.
10. Postdief zijn is een eigenschap, een hoedanigheid (van postdief) en het stelen van post is een gedraging. Naar de letter bevat de uiting dat [betrokkene] een postdief is dus geen gedraging, maar gelet op de omstandigheid dat zij postbezorger is in de wijk waar verdachte woont, zie ik geen wezenlijk verschil met de uiting die inhoudt dat [betrokkene] post (van verdachte) steelt. Zij is immers een postdief, omdat zij werkzaam als postbezorger in dat kader post steelt. Door haar een postdief te noemen wordt, naar algemeen taalgebruik, met voldoende duidelijkheid de suggestie gewekt dat zij zich misdraagt door post te stelen. De uiting omvat meer dan bijvoorbeeld de suggestie dat [betrokkene] ongeschikt is als postbezorger. Dat laatste zou onvoldoende zijn, omdat er dan slechts een eigenschap wordt miskend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f70c96e125c86fddb4cc361827d2b54db59f68d14cdce8f5669d226db62a83d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f70c96e125c86fddb4cc361827d2b54db59f68d14cdce8f5669d226db62a83d, en de alinea staat in dat document op bytes 14409 tot 15305.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4f70c96e125c86fddb4cc361827d2b54db59f68d14cdce8f5669d226db62a83d | shasum -a 256