Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016

Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:732.

Op donderdag 19 juli 2012 bevinden [medeverdachte] , verdachte en [betrokkene 2] zich in de woning van verdachte in Arnhem. Daar vraagt [betrokkene 2] aan [medeverdachte] : “Ik ben van plan om dit en dit te doen. Doe je daaraan mee?” Vervolgens zegt [betrokkene 2] tegen [medeverdachte] : “Ik wil dat [verdachte] een afspraak met hem maakt. Dan wil ik hem een lesje leren.” [medeverdachte] geeft aan dat hij wil meedoen met het plan van [betrokkene 2] om [slachtoffer] een lesje te leren. De woorden “een lesje leren” worden door [medeverdachte] verduidelijkt als: gewoon een beetje bang maken, een klap geven. [medeverdachte] gaat er vóór de mishandeling van [slachtoffer] van uit dat ze [slachtoffer] een paar tikken zouden geven. Verdachte was aanwezig bij het maken van de afspraak om [slachtoffer] een lesje te leren. Bij die gelegenheid is gesproken over de verkrachting of aanranding van verdachte. Daarin was immers de aanleiding voor de afspraak gelegen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebf6f1970c2d31e047291d1de194cdb0bcdc02d97605efe12d79ba8e1dddf833. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebf6f1970c2d31e047291d1de194cdb0bcdc02d97605efe12d79ba8e1dddf833, en de alinea staat in dat document op bytes 13889 tot 14879.