Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016

Onder 5.11. Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:732.

In de hiervoor onder 4.3 weergegeven overwegingen heeft het hof geoordeeld dat de verdachte welbewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat [slachtoffer] zou komen te overlijden door het tegen hem gerichte geweld, waaraan zij in de vorm van medeplegen deelnam. Het hof heeft daartoe overwogen dat [slachtoffer] mede op instigatie van verdachte na een voorafgaande afspraak door meerdere personen op zeer gewelddadige wijze is geslagen en geschopt, onder meer tegen zijn hoofd (een vitaal onderdeel van het lichaam) en het een feit van algemene bekendheid is dat het meermalen krachtig schoppen tegen iemands hoofd tot de dood van die persoon kan leiden. Voorts heeft het hof overwogen dat het welbewust aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat [slachtoffer] zou komen te overlijden ook blijkt uit het feit dat de verdachte niets heeft gedaan om te voorkomen dat [slachtoffer] gedurende enige tijd werd toegetakeld, dat zij hem na de mishandeling heeft bespuugd en hem de woorden heeft toegevoegd: “Dat is je verdiende loon” en voorts heeft geholpen met het uitwissen van de sporen en het behulpzaam zijn bij het afvoeren van het zwaargewonde slachtoffer zonder zich erom te bekommeren wat er met hem zou gebeuren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebf6f1970c2d31e047291d1de194cdb0bcdc02d97605efe12d79ba8e1dddf833. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebf6f1970c2d31e047291d1de194cdb0bcdc02d97605efe12d79ba8e1dddf833, en de alinea staat in dat document op bytes 35258 tot 36491.