Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016

Alinea 126 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:736.

20. De vraag hoe de aanvaarding van het recht op verhoorbijstand in het decemberarrest moet worden geduid, kan op verschillende manieren worden beantwoord. NVSA c.s. gaan ervan uit dat de Hoge Raad in het belang van de rechtszekerheid een algemeen en ongeclausuleerd recht op verhoorbijstand heeft willen formuleren. Volgens hen moet het recht, zoals dat door de Hoge Raad erkenning heeft gevonden, ruim worden uitgelegd en omvat het ook de regels die voortvloeien uit de rechtspraak van het Europese Hof en uit de Richtlijn. Dat laatste volgt volgens hen uit de verwijzing in rov. 6.3 naar de omstandigheid dat de Richtlijn binnen afzienbare termijn in de Nederlandse wetgeving zal zijn geïmplementeerd, zodat aangenomen mag worden dat intussen beleidsmatige, organisatorische en financiële keuzes zijn gemaakt. De Staat c.s. stellen zich op het standpunt dat de Hoge Raad met het decemberarrest omwille van de rechtszekerheid en vooruitlopend op de implementatie van de Richtlijn een soort ordemaatregel heeft willen treffen. Volgens hen lijkt de Hoge Raad de aanvaarding van het recht op verhoorbijstand niet rechtstreeks te baseren op het EVRM en op de rechtspraak van het Europese Hof en evenmin op de Richtlijn. In de visie van de Staat c.s. lijkt de Hoge Raad slechts in heel beperkte mate invulling te geven aan het recht op verhoorbijstand, in die zin dat de nadruk ligt op de aanwezigheid bij het verhoor. Volgens de Staat c.s. volgt uit de rechtspraak van de Hoge Raad dat aan de Richtlijn thans geen direct werkende rechten kunnen worden ontleend. Hoewel de Staat c.s. ervan uitgaan dat de erkenning van het recht op verhoorbijstand niet rechtstreeks is gebaseerd op het EVRM en de rechtspraak van het Europese Hof, stellen zij zich op het standpunt dat het beoordelingskader op dit moment wordt gevormd door het decemberarrest en de uitleg die het Europese Hof en de Hoge Raad aan art. 6 EVRM hebben gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60, en de alinea staat in dat document op bytes 52050 tot 54178.