Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016
Alinea 159 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:736.
B.33.2. De bestreden bepalingen, terwijl zij vermijden dat tijdens het verhoor een debat op tegenspraak tot stand komt tussen de persoon die ondervraagt en de advocaat, definiëren de rol van die laatste zodat hij kan waken over de naleving van de fundamentele rechten van zijn cliënt. Zijn aanwezigheid strekt ertoe de kwetsbare situatie van die laatste te compenseren. De mogelijkheid die hij heeft om de schendingen van de fundamentele rechten van de persoon die hij bijstaat onmiddellijk te laten vermelden in het proces-verbaal, is relevant ten aanzien van het doel dat erin bestaat erover te waken dat de ondervraagde persoon geen onrechtmatige dwang vanwege de overheden ondergaat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60, en de alinea staat in dat document op bytes 86772 tot 87474.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60 | shasum -a 256