Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016

Alinea 174 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:736.

47. Het verhoor kan worden onderbroken zodat de verdachte vertrouwelijk overleg kan plegen met zijn advocaat. In par. 3.1 (a) van Code C is bepaald dat de verdachte erop moet worden gewezen dat hij een advocaat mag consulteren. Par. 6.9 van Code C bevat de regel dat de advocaat de verdere toegang tot het verhoor kan worden ontzegd indien zijn gedrag van dien aard is dat de verhorende ambtenaar niet in staat is om zijn vragen behoorlijk aan de verdachte te stellen. De beslissing om de advocaat de toegang te ontzeggen kan niet worden genomen door de verhorende ambtenaar, maar moet door een hoger geplaatste ambtenaar (een “superintendant” of – als deze niet beschikbaar is – een “inspector” die niet bij het onderzoek betrokken is) worden genomen. In geval de advocaat de verdere toegang tot het verhoor wordt ontzegd, wordt de verdachte in de gelegenheid gesteld een andere advocaat te raadplegen voordat het verhoor wordt hervat. De nieuwe advocaat wordt in de gelegenheid gesteld het verhoor bij te wonen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60, en de alinea staat in dat document op bytes 96166 tot 97396.