Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016

Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:736.

(vii) Namens de Staat c.s. hebben mr. J.W.H. van Wijk en mr. G.C. Nieuwland, beiden advocaat bij de Hoge Raad, schriftelijke opmerkingen zoals bedoeld in art. 393, eerste lid, Rv ingediend. Daarin stellen zij onder meer dat uit de rechtspraak van het EHRM ten aanzien van meerderjarige verdachten geen algemeen recht op bijstand tijdens het politieverhoor kan worden afgeleid. Met het decemberarrest heeft de Hoge Raad omwille van de rechtszekerheid en vooruitlopend op de implementatie van de Richtlijn een soort ordemaatregel voor een overgangssituatie gegeven. De Hoge Raad lijkt de aanvaarding van het recht op verhoorbijstand volgens de Staat c.s. niet te baseren op het EVRM en de rechtspraak van het EHRM en evenmin op de Richtlijn. De Hoge Raad geeft in zijn arrest slechts in heel beperkte mate invulling aan het door hem aanvaarde recht op verhoorbijstand. De omstandigheid dat de implementatietermijn van de Richtlijn op korte termijn verstrijkt en het feit dat het wetgevingsproces tot implementatie van de Richtlijn in een vergevorderd stadium verkeert, nopen in deze kortgedingprocedure tot terughoudendheid bij de beantwoording van de onderhavige prejudiciële vragen. De in de bijlage bij de Beleidsbrief opgenomen procedureregels leveren geen beperking op van het recht op verhoorbijstand, zoals dat door de Hoge Raad is aanvaard, en laten de uitoefening en de essentie van het recht op verhoorbijstand onverlet, aldus nog steeds de Staat c.s.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60, en de alinea staat in dat document op bytes 13322 tot 14796.