Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016
Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:736.
14. Bij het decemberarrest is de Hoge Raad overgegaan tot een aanscherping van de regels betreffende de rechtsbijstand in het kader van het politieverhoor. De Hoge Raad gaat er voortaan vanuit dat de aangehouden verdachte recht heeft op bijstand van een raadsman tijdens zijn verhoor door de politie, behoudens bij het bestaan van dwingende redenen om dat recht te beperken. De verdachte kan uitdrukkelijk of stilzwijgend, maar op ondubbelzinnige wijze, afstand doen van dit recht. De verdachte dient vóór de aanvang van het verhoor te worden gewezen op zijn recht op bijstand van een raadsman. Het recht op verhoorbijstand heeft niet alleen betrekking op het eerste politieverhoor, maar ook op daarop volgende verhoren. Daarbij heeft de Hoge Raad bepaald dat met ingang van 1 maart 2016 toepassing zal worden gegeven aan de regel dat een aangehouden verdachte het recht heeft op bijstand van een raadsman tijdens zijn verhoor door de politie. Over de verdere invulling van dit recht heeft de Hoge Raad zich niet uitgelaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60, en de alinea staat in dat document op bytes 37817 tot 38856.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5aced184f56e804e3ab84f939046397233109b6cd13ae4ed4344593f8831ba60 | shasum -a 256