Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2016

Onder 4.13 Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:739.

(…) Weliswaar blijkt uit de wetsgeschiedenis van art. 14 Wet IB 1964 dat het begrip vervanging ruim moet worden geïnterpreteerd, maar het is niet de bedoeling van de wetgever geweest om onmiskenbare uitbreidingsinvesteringen onder het begrip "vervanging" te brengen. Dat laatste kan ook worden afgeleid uit HR (…) BNB 1999/195 . Gerekend in veteenheden hebben de gekochte melkquota (totaal: 170 048 veteenheden) een omvang die anderhalf maal zo groot is als de verkochte melkquota (111 250 veteenheden). Dat brengt met zich dat bij de aanschaffing van de melkquota een splitsing moet worden aangebracht tussen vervangende melkquota en melkquota die een uitbreidend karakter hebben (zie ook HR 11 december 1968, nr. 15 992, BNB 1969/162 ). Ter zake van een uitbreidingsinvestering kan de vervangingsreserve dus niet worden benut. Dat per saldo een deel van de vervangingsreserve ad f 14 083 (€ 6391) vrijvalt (…), is het gevolg van het feit dat de melkquota tegen een lagere prijs worden aangeschaft dan waarvoor zij zijn vervreemd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8e2998f644b1d840a596ed8bad40a416372dbd59c96202d5880fb90d0e89084. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8e2998f644b1d840a596ed8bad40a416372dbd59c96202d5880fb90d0e89084, en de alinea staat in dat document op bytes 47082 tot 48204.