Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2016
Onder 2.42 Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:75.
Er is daarnaast nog een praktisch argument om niet te kiezen voor (analoge) toepassing van art. 127 Rv en dat is de inwerkingtreding van het KEI-wetsvoorstel Wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de Algemene wet bestuursrecht in verband met vereenvoudiging en digitalisering van het procesrecht in de nabije toekomst. Twee belangrijke wijzigingen in de nieuwe regeling zijn de afschaffing van de dagvaarding en het verzoekschrift als procesinleidend stuk en de vervanging daarvan door een nieuwe, meer geüniformeerde procesinleiding die bij het gerecht wordt ingediend (artikel 30a Rv), en voorts de afschaffing van de rol, die enerzijds wordt vervangen door het nieuwe digitale systeem voor gegevensverwerking van de gerechten en anderzijds zijn functie verliest door de wettelijke termijnen voor het indienen van processtukken en de regiefunctie van de rechter .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56c7f503e6895dc4acfaef791c80815d7d68649d71be1e89cae0d1cdd660f96c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56c7f503e6895dc4acfaef791c80815d7d68649d71be1e89cae0d1cdd660f96c, en de alinea staat in dat document op bytes 70870 tot 71963.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/56c7f503e6895dc4acfaef791c80815d7d68649d71be1e89cae0d1cdd660f96c | shasum -a 256