Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2016
Onder 2.20 Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:75.
Andere voorzieningenrechters hebben tussen 2007 en 2011 geoordeeld dat art. 127 Rv niet van overeenkomstige toepassing is in kort geding , voornamelijk op de grond dat in kort geding geen inschrijving op de rol plaatsvindt. De voorzieningenrechter in de rechtbank Den Haag overwoog daarnaast dat het kort geding zijn maatschappelijk betekenis mede ontleent aan de flexibiliteit van de procedure en dat de rechtsgang zelf een zo gering mogelijk aantal formele regels kent, hetgeen een beperking van de mogelijkheden rechtvaardigt om door te procederen over andere aspecten dan de zaak zelf . Ook de voorzieningenrechter te Almelo was van oordeel dat de (flexibele) aard van het kort geding zich tegen toepasselijkheid van art. 127 Rv verzet .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56c7f503e6895dc4acfaef791c80815d7d68649d71be1e89cae0d1cdd660f96c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56c7f503e6895dc4acfaef791c80815d7d68649d71be1e89cae0d1cdd660f96c, en de alinea staat in dat document op bytes 38747 tot 39691.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/56c7f503e6895dc4acfaef791c80815d7d68649d71be1e89cae0d1cdd660f96c | shasum -a 256