Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2016

Onder 3.3.6. Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:756.

De hiervoor in onderdeel 3.3.3 geschetste noodzaak om te komen tot praktisch werkbare uitgangspunten brengt mee dat bij de kwalificatie van de hiervoor in 3.3.5 bedoelde ruimten de mate van medegebruik daarvan door anderen dan bewoners, zoals het verzorgend, verplegend en overig personeel van de zorginstelling, niet van belang is en daarom niet behoeft te worden onderzocht. Met name dient geen onderscheid te worden gemaakt op grond van de mate van verzorging of verpleging die de bewoners in die ruimten wordt geboden. Ook een gedeelte van een tehuis waar meer intensieve zorg aan de bewoners wordt geboden, kan daarom het karakter hebben van ‘in-hoofdzaak-woondeel’.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/70ab5ede42c3499f26650a110ac7d81e8eedbed41ab34317e3fb1f4300225aaa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 70ab5ede42c3499f26650a110ac7d81e8eedbed41ab34317e3fb1f4300225aaa, en de alinea staat in dat document op bytes 96747 tot 97436.