Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2016

Onder 4.18 Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:78.

De Rechtbank heeft in haar tussenvonnis van 29 juli 2009 overwogen dat de hiervoor onder 1.7 weergegeven, door IMG gehanteerde opzeggingsgronden (1) en (4) de opzegging niet kunnen dragen (rov. 3.11 en 3.12). Een oordeel over de beide andere opzeggingsgronden heeft de Rechtbank niet gegeven. In haar eindvonnis van 18 december 2013 is de Rechtbank tot het oordeel gekomen dat de vorderingen van [verweerster] moeten worden afgewezen. Begrijpelijkerwijs is alleen [verweerster] van dat oordeel in hoger beroep gekomen. De devolutieve werking bracht evenwel mee dat de vraag of de door IMG aangevoerde opzeggingsgronden de opzegging konden dragen in volle omvang voorlag. Uit vaste jurisprudentie volgt dat de geïntimeerde die in het dictum van het vonnis van de eerste rechter in het gelijk is gesteld, de stellingen die hij in dit verband in eerste instantie had verdedigd, maar die door de eerste rechter buiten behandeling zijn gelaten of verworpen, niet opnieuw door een incidenteel appel aan het oordeel van de appelrechter behoeft te onderwerpen. Zodra één of meer grieven doel treffen en op zichzelf tot vernietiging van het bestreden vonnis moeten leiden, moeten de niet prijsgegeven stellingen die geïntimeerde in dit verband in eerste instantie heeft verdedigd alsnog, dan wel wederom worden beoordeeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9c3d6ddfa2598d6c67d00bca94a4228df9ed4c8f5f9cc071cc66593856f2c10d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9c3d6ddfa2598d6c67d00bca94a4228df9ed4c8f5f9cc071cc66593856f2c10d, en de alinea staat in dat document op bytes 37974 tot 39368.