Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016
Onder 7.26. Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:784.
Het Hof is van oordeel dat belanghebbende zijn onderneming (mede) heeft gedreven met behulp van een vaste vertegenwoordiger die hem een op een vertegenwoordigde, in de persoon van [B] woonachtig in Nederland. Aan dat oordeel ligt ten grondslag hetgeen naar voren komt uit de gedingstukken namelijk dat beiden bij herhaling in nauwe onderlinge samenwerking participeren in projecten waarbij het toeval is wie daarbij het initiatief neemt en waarbij de een de ander vervangt. De gerealiseerde inkomsten en boekwinsten worden via een reeks van transacties met inzet van buitenlandse rechtspersonen en entiteiten over beiden verdeeld. Dat daarbij de geldstromen niet altijd inzichtelijk zijn geworden dient voor rekening van belanghebbende en [B] te komen. Ter ondersteuning van dat oordeel merkt het Hof op dat sprake is van een omkering en verzwaring van de bewijslast waarbij belanghebbende toerekenbaar tekort is geschoten in het leveren van tegenbewijs. Ook indien geen gronden aanwezig zouden zijn voor een omkering en verzwaring van de bewijslast is het Hof van oordeel dat belanghebbende de meest gerede partij is die in staat is opheldering te geven over de feiten en dat hij daarin toerekenbaar tekort is geschoten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/828c0fc426fada85e61926c708b6cdf3df8f489145399946bc9818809bee058e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 828c0fc426fada85e61926c708b6cdf3df8f489145399946bc9818809bee058e, en de alinea staat in dat document op bytes 60385 tot 61619.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/828c0fc426fada85e61926c708b6cdf3df8f489145399946bc9818809bee058e | shasum -a 256