Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016
Onder 3.20 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:784.
In de zaak Allen v. The United Kingdom geeft het EHRM een overzicht van zijn rechtspraak tot dat moment. Het EHRM onderscheidt – net als in Melo Tadeu – twee situaties waarin de onschuldpresumptie toepassing kan vinden, namelijk (i) in de strafrechtelijk procedure ‘an sich’ en (ii) in eventuele opvolgende procedures. Het EHRM overweegt vervolgens dat voor de toepassing van de onschuldpresumptie in de tweede situatie sprake moet zijn van een ‘link’ met de strafrechtelijke procedure. De bewijslast daarvan rust op de belanghebbende:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/828c0fc426fada85e61926c708b6cdf3df8f489145399946bc9818809bee058e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 828c0fc426fada85e61926c708b6cdf3df8f489145399946bc9818809bee058e, en de alinea staat in dat document op bytes 117979 tot 118673.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/828c0fc426fada85e61926c708b6cdf3df8f489145399946bc9818809bee058e | shasum -a 256