Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016

Onder 4.18 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:784.

Het oordeel van de Hoge Raad geeft hiermee een nadere invulling aan de lijn die zich in de rechtspraak heeft ontwikkeld ter zake van de ‘vereiste aangifte’. Die komt erop neer dat inhoudelijke gebreken in een aangifte slechts dan tot het niet-doen van de vereiste aangifte leiden, indien aan de hand van de normale regels van stelplicht en bewijslast is vastgesteld dat (i) sprake is van één of meer gebreken die ertoe leiden dat de volgens de aangifte verschuldigde belasting verhoudingsgewijs aanzienlijk lager is dan de werkelijk verschuldigde belasting, (ii) het bedrag van de belasting dat als gevolg van de hiervoor bedoelde gebreken in de aangifte niet zou zijn geheven, op zichzelf beschouwd aanzienlijk is en (iii) de belastingplichtige ten tijde van het doen van de aangifte wist of zich ervan bewust moest zijn dat de gebreken ertoe zouden leiden dat een aanzienlijk bedrag aan verschuldigde belasting niet zou worden geheven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/828c0fc426fada85e61926c708b6cdf3df8f489145399946bc9818809bee058e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 828c0fc426fada85e61926c708b6cdf3df8f489145399946bc9818809bee058e, en de alinea staat in dat document op bytes 170761 tot 171781.