Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016

Onder 7.24. Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:786.

Nu het Hof tot het oordeel is gekomen dat belanghebbende winst uit een door hem gedreven onderneming heeft genoten maken de boekwinsten daarvan integraal onderdeel van uit. Belanghebbende, op wie te dezen de verzwaarde bewijslast rust, heeft met de door hem in dit verband aangevoerde feiten en omstandigheden het tegendeel niet overtuigend aangetoond. Uit de onder 3.1 en 3.2 opgesomde feiten - gezamenlijk en in onderling verband en samenhang bezien - blijkt een zodanig grote, zowel financiële als organisatorische, betrokkenheid van belanghebbende bij de onderhavige transacties dat het Hof niet aannemelijk acht dat aan hem van de mede door zijn betrokkenheid behaalde miljoenenwinsten slechts een marginaal deel rechtens maar ook feitelijk toekwam. Naar het oordeel van het Hof zijn de winsten onderscheidenlijk voordelen behaald met de onderhavige transacties geheel toe te rekenen aan de onderneming van belanghebbende en moeten de daarmee corresponderende bedragen die zijn neergeslagen in tot belanghebbendes invloedsfeer behorende lichamen geacht worden aan de onderneming te zijn onttrokken uit privé- zijnde niet zakelijke - overwegingen van de ondernemer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/398f731b3bfad8b4556c9fabf9a26c25fe2957e71ee46a05082e4fb5d0eee162. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 398f731b3bfad8b4556c9fabf9a26c25fe2957e71ee46a05082e4fb5d0eee162, en de alinea staat in dat document op bytes 55073 tot 56257.