Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016
Onder 7.32.1. Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2016, ECLI:NL:PHR:2016:787.
In hoger beroep heeft belanghebbende zich primair op het standpunt gesteld dat, zoal[s] in rechte onherroepelijk zou worden vastgesteld dat de door belanghebbende behaalde resultaten, de boekwinsten daaronder begrepen, ten titel van winst uit een voor zijn rekening en risico gedreven onderneming moeten worden geduid, het volledig resultaat aan België dient te worden toegerekend, zijnde de Mogendheid alwaar belanghebbende metterwoon verblijft. Subsidiair heeft hij gesteld dat vanwege het ontbreken van een vaste inrichting en/of vaste vertegenwoordiger in Nederland het resultaat niet in de belastingheffing in Nederland kan worden betrokken (buitenlandse belastingplicht op basis van artikel 49 e.v. Wet IB 1964). Meer subsidiair heeft hij zich op het standpunt gesteld dat indien in rechte komt vast te staan dat belanghebbende de beschikking had over een vaste inrichting en/of een vaste vertegenwoordiger in de persoon van [B] , de behaalde winst op de [G] transactie voor 90 percent aan België dient te worden toegerekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/117f6356e3a6b9d0a89dbfcbf19a63482f2d85d4e9a502009562e648d0c77c33. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 117f6356e3a6b9d0a89dbfcbf19a63482f2d85d4e9a502009562e648d0c77c33, en de alinea staat in dat document op bytes 71742 tot 72789.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/117f6356e3a6b9d0a89dbfcbf19a63482f2d85d4e9a502009562e648d0c77c33 | shasum -a 256