Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2016
Alinea 171 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:811.
Sub 4 wordt vaak ten laste gelegd naast sub 1. In ongeveer de helft van de zaken van seksuele uitbuiting was hiervan sprake, hoewel in deze zaken ook andere subleden ten laste waren gelegd. Ook in zaken van overige uitbuiting komt het voor dat combinaties van subleden naast elkaar worden ten laste gelegd; in totaal is in 79% van alle overige uitbuitingszaken sub 4 naast sub 1 ten laste gelegd, al dan niet in combinatie met nog één of meerdere andere primair ten laste gelegde subleden. De combinatie van uitsluitend sub 1 naast sub 4 komt in 31% van de zaken voor. Deze cijfers zien steeds op de situatie waarin sub 1 en sub 4 naast elkaar zijn ten laste gelegd, en dus niet subsidiair. Sub 4 kan evenwel zowel subsidiair als naast sub 1 worden ten laste gelegd. Uit de praktijk blijkt dat het OM soms moeite heeft onderscheid te maken tussen de beide mensenhandelmodaliteiten, zoals te zien in het volgende voorbeeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7e4cc0876aaef0f0290134b1716645084fe6c109e1b0c06498d20b81d3c9b697. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7e4cc0876aaef0f0290134b1716645084fe6c109e1b0c06498d20b81d3c9b697, en de alinea staat in dat document op bytes 64728 tot 65701.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7e4cc0876aaef0f0290134b1716645084fe6c109e1b0c06498d20b81d3c9b697 | shasum -a 256