Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016

Onder 3.4.2 Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016, ECLI:NL:PHR:2016:845.

Indien de eiser ten onrechte geen advocaat heeft gesteld, biedt de rechter hem gelegenheid om binnen een door hem te bepalen termijn alsnog advocaat te stellen, zo volgt uit art. 123 lid 1 Rv. Nu wordt deze bepaling door art. 418a Rv in cassatie niet van overeenkomstige toepassing verklaard, maar dat is niet van belang, zo blijkt uit het arrest van Uw Raad van 10 juli 2009:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a405fc16770318d5634d4facd9d89fb6ea009360a7ec21979c0be4556973fefa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a405fc16770318d5634d4facd9d89fb6ea009360a7ec21979c0be4556973fefa, en de alinea staat in dat document op bytes 34017 tot 34470.