Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016
Onder 4.7 Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016, ECLI:NL:PHR:2016:847.
De onder (i) bedoelde klacht wijst er op zichzelf beschouwd terecht op, dat [eiser] c.s. met grief I, kort gezegd, opkwamen tegen de feitelijke vaststelling van de kantonrechter in rov. 1.3 van het eindvonnis, dat bij het einde van de onderhavige overeenkomsten er een restschuld resteerde. In het licht daarvan is de vaststelling in rov. 2.1 en rov. 2.5, voor zover daarin wordt uitgegaan van het bestaan van een restschuld, op zichzelf beschouwd onbegrijpelijk. De klacht faalt echter bij gebrek aan belang, omdat het hof niet heef miskend dat de grief I in verband met het al dan niet bestaan van een restschuld de kwestie aan de orde stelde of de aandelen zijn aangekocht en daarna weer verkocht. Het hof heeft die kwestie immers uitgebreid onderzocht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4366471aaca4382c959d2b360fd5ec89e68bcd4eea078257ec7b26c9998129f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4366471aaca4382c959d2b360fd5ec89e68bcd4eea078257ec7b26c9998129f0, en de alinea staat in dat document op bytes 46274 tot 47044.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4366471aaca4382c959d2b360fd5ec89e68bcd4eea078257ec7b26c9998129f0 | shasum -a 256