Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016
Onder 4.25 Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 augustus 2016, ECLI:NL:PHR:2016:851.
- Ad (d) Ook andere derden zouden op grond van de gevolgde redenering een zelfstandig vorderingsrecht jegens de verkrijger verwerven. Dit argument verdient eveneens nuancering. Mijns inziens moet het zelfstandige vorderingsrecht van het pensioenfonds jegens de verkrijger worden gebaseerd op het stelsel van de WOO en de Pensioenwet. Andere derden dan pensioenuitvoerders (zoals een zorgverzekeraar of een leasemaatschappij) verwerven dus bij overgang van onderneming niet op basis van dezelfde rechtsgrond een zelfstandig vorderingsrecht jegens de verkrijger. Daar komt bij dat de werking van art. 7:663 BW in ieder geval beperkt is tot rechten en verplichtingen die op het moment van de overgang van onderneming voor de werkgever voortvloeien uit de arbeidsovereenkomst tussen hem en zijn werknemer. Het lijkt (mij) dus niet aannemelijk dat andere derden spoedig een eigen vorderingsrecht jegens de verkrijger van de onderneming zullen kunnen uitoefenen voor schulden die in de periode voor de overgang van onderneming zijn ontstaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d1454832e04a029a7eab09ae2996524ab21b9aa60cb50120e4dbb1821db17d9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d1454832e04a029a7eab09ae2996524ab21b9aa60cb50120e4dbb1821db17d9, en de alinea staat in dat document op bytes 116697 tot 117781.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d1454832e04a029a7eab09ae2996524ab21b9aa60cb50120e4dbb1821db17d9 | shasum -a 256