Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 september 2016
Onder 3.22 Parket bij de Hoge Raad 2 september 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:856.
Dat deze benadering juist is, ligt mijns inziens ook voor de hand. Niet alleen het vellen van het oordeel en het benoemen van de (belangrijkste) gronden van dat oordeel behoort tot de kern van het rechterlijk werk, maar ook het op schrift stellen van het oordeel en de motivering daarvan. Het gaat daarbij niet alleen om de grote lijnen van de rechterlijk beslissing, maar ook om de – precieze – bewoordingen waarin deze op schrift is gesteld. De rechter – of, in een meervoudige samenstelling: iedere rechter – is voor het gehele definitieve vonnis verantwoordelijk. Hierbij is van belang dat rechters door het op schrift stellen worden gedwongen de deugdelijkheid van de oorspronkelijk gekozen oplossing te onderzoeken. Dit is temeer van belang in complexere zaken, waarin soms (zeer) vele afzonderlijke beslispunten aan de orde zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f74f93ea41d551661e5a7611ddf1c0486d9af75bdacd86cae9f737186ece98df. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f74f93ea41d551661e5a7611ddf1c0486d9af75bdacd86cae9f737186ece98df, en de alinea staat in dat document op bytes 62715 tot 63636.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f74f93ea41d551661e5a7611ddf1c0486d9af75bdacd86cae9f737186ece98df | shasum -a 256