Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Onder 2.4.2. Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:88.
1. Er zijn al veel procedures gevoerd over het BUA, dat is gebaseerd op art. 17 lid 6 Zesde richtlijn, thans art. 176 BTW-richtlijn 2006. Daarin is bepaald dat een lidstaat elke uitsluiting van het recht op aftrek van BTW waarin zijn wetgeving ten tijde van de inwerkingtreding van de richtlijn voorzag, kan handhaven. Bepalingen die op deze leest zijn geschoeid, hebben wel een zogenoemd standstillkarakter. Dat houdt in dat wijzigingen enkel zijn toegestaan als zij leiden tot een meer richtlijnconform resultaat (lees in het geval van het BUA: leiden tot minder uitsluiting). De geschillen over het BUA gaan vaak over de vraag of wijzigingen in het BUA zich wel verhouden tot het hiervoor beschreven standstillkarakter. Ook zijn er twijfels geweest over het antwoord op de vraag of een aantal in het BUA genoemde categorieën goederen en diensten voldoende bepaald waren. Daarover hebben de Hoge Raad en Hof Amsterdam prejudiciële vragen gesteld. De arresten van het Hof van Justitie die de rechters deden twijfelen waren Charles en Charles-Tijmens en Uudenkaupungin kaupunki. Uit die arresten trok de Hoge Raad de conclusie dat het BUA alleen zou kunnen gelden voor (wel)bepaalde goederen en diensten en dat de categorie ‘loon in natura’ te ruim en onbepaald was geformuleerd om verbindend te zijn. In de arresten naar aanleiding van de prejudiciële vragen van de Hoge Raad en Hof Amsterdam in de gevoegde zaken X Holding en Oracle Nederland BV is evenwel geoordeeld dat het Nederland is toegestaan om op grond van het BUA de aftrek van BTW ter zake van het verstrekken van privévervoer, spijzen, dranken, huisvesting alsmede het geven van gelegenheid tot ontspanning aan personeelsleden van belastingplichtige enerzijds en het verstrekken van relatiegeschenken en andere giften anderzijds (welke geschenken en giften op allerlei goederen en diensten kunnen zien), te beperken, dan wel uit te sluiten. Uit die arresten kan worden afgeleid dat de Hoge Raad de lat voor de verbindendheid van het BUA te hoog had gelegd. In zijn einduitspraak is de Hoge Raad hier dan ook van teruggekomen en heeft hij de BUA-categorie ‘loon in natura’ alsnog verbindend geacht. Het BUA heeft dus gewankeld, maar is overeind gebleven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/21b0d56832cd995481bcc42c62e111db45928e84bdffdf436393eb0188a5eed4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 21b0d56832cd995481bcc42c62e111db45928e84bdffdf436393eb0188a5eed4, en de alinea staat in dat document op bytes 128509 tot 130751.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/21b0d56832cd995481bcc42c62e111db45928e84bdffdf436393eb0188a5eed4 | shasum -a 256