Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016

Onder 5.12 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:88.

43. Overeenkomstig de algemene regel van artikel 73 van de btw-richtlijn is de maatstaf van heffing voor een levering van goederen of een dienstverrichting onder bezwarende titel de daartoe door de belastingplichtige werkelijk ontvangen tegenprestatie. Deze tegenprestatie is dus de subjectieve waarde, dat wil zeggen de werkelijk ontvangen waarde, en niet een volgens objectieve maatstaven geschatte waarde (zie in die zin arresten van 5 februari 1981, Coöperatieve Aardappelenbewaarplaats, 154/80, Jurispr. blz. 445, punt 13; 20 januari 2005, Hotel Scandic Gåsabäck, C‑412/03, Jurispr. blz. I‑743, punt 21, en 9 juni 2011, Campsa Estaciones de Servicio, C‑285/10, Jurispr. blz. I-5059, punt 28).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/21b0d56832cd995481bcc42c62e111db45928e84bdffdf436393eb0188a5eed4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 21b0d56832cd995481bcc42c62e111db45928e84bdffdf436393eb0188a5eed4, en de alinea staat in dat document op bytes 164540 tot 165259.