Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2016
Onder 2.9 Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 augustus 2016, ECLI:NL:PHR:2016:897.
De Rechtbank zag in de boven beschreven transacties geen schijnhandelingen; zij zag evenmin aanleiding om hen fiscaalrechtelijk anders te kwalificeren dan in de civielrechtelijke werkelijkheid. Evenmin volgde de Rechtbank de door de Inspecteur voorgestane interpretatie van de artt. 8b, 8c, 20(4) en 20a Wet Vpb. Wel oordeelde zij dat de belanghebbenden in fraudem legis hadden gehandeld en dat de renteaftrek daarom geweigerd moest worden. Daaraan deed niet af (i) de belastingheffing bij [X London Branch] over de renteontvangsten, (ii) de parlementaire geschiedenis van art. 20a Wet Vpb of (iii) de door de belanghebbende gemaakte vergelijking met een binnenlandsituatie. De bevinding van fraus legis leidde er volgens de Rechtbank toe dat de rentelasten van alle belanghebbenden behalve belanghebbende 10 moesten worden veronachtzaamd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8935b27e73d67aecf340321a5f7324098e8b8090fc3aad49e0caeb2ba1e17005. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8935b27e73d67aecf340321a5f7324098e8b8090fc3aad49e0caeb2ba1e17005, en de alinea staat in dat document op bytes 45337 tot 46260.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8935b27e73d67aecf340321a5f7324098e8b8090fc3aad49e0caeb2ba1e17005 | shasum -a 256