Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2016
Onder 3.12 Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:9.
9. In de lijn van de zojuist (in alinea 8) verdedigde opvatting ligt, dat in HR 22 januari 1999, NJ 1999/381 m.nt. DWFV, rov. 3.5 is geoordeeld dat het hof (in dat geval) niet verplicht was rekening te houden met de omstandigheid dat het door het hof gegeven oordeel de titel voor het incasseren van (reeds verbeurde) dwangsommen zou laten wegvallen. Opmerkelijk is overigens dat in dat geval in appel wél aandacht voor het hier bedoelde probleem was gevraagd. Klaarblijkelijk was dat echter niet op een zodanig klemmende wijze gebeurd, dat de motiveringsplicht van de rechter daardoor in het geding kwam.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3d47f58160127eb092b9a0eb2e8ef54c123c2147764bd65904caabc298cc53a4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3d47f58160127eb092b9a0eb2e8ef54c123c2147764bd65904caabc298cc53a4, en de alinea staat in dat document op bytes 59153 tot 59773.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3d47f58160127eb092b9a0eb2e8ef54c123c2147764bd65904caabc298cc53a4 | shasum -a 256