Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 augustus 2016

Onder 4.31 Parket bij de Hoge Raad 18 augustus 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 augustus 2016, ECLI:NL:PHR:2016:900.

De reden waarom aandelenoptierechten die zijn toegekend voor het jaar t-1 worden uitgezonderd, is omdat daarvan mag worden aangenomen dat zij geen verband houden met het einde van de dienstbetrekking. Dit is op zich genomen logisch, de toekenning is een discretionaire bevoegdheid van de vennootschap en alleen op dat moment kan het motief van de toekenning worden vastgesteld. Alles wat zich daarna afspeelt (c.q. het onvoorwaardelijk worden) is veelal afhankelijk van objectieve factoren, zoals omzetdoelstellingen en niet van subjectieve factoren zoals de toekenning zelf. In dat licht is het onbegrijpelijk waarom de uitzondering beperkt is tot aandelenoptierechten in de zin van artikel 10a Wet LB 1964.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/877be3d283efb79b890375dd5a9072bb46a9df4b82395844838a7be2c787ad4a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 877be3d283efb79b890375dd5a9072bb46a9df4b82395844838a7be2c787ad4a, en de alinea staat in dat document op bytes 69626 tot 70348.