Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 september 2016

Onder 5.6 Parket bij de Hoge Raad 9 september 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:921.

7. De Kopers gaan er ten onrechte vanuit dat vereist is dat er afzonderlijke verplichtingen zijn aan te wijzen. Dat is niet het geval. Nodig is alleen dat de prestatie in gedeelten kan worden gesplitst en dat tegenover een deelprestatie een evenredig deel van een tegenprestatie staat. Die verdeling hebben de Kopers en de failliet zelf in hun overeenkomst gemaakt door steeds wanneer een gedeelte van het werk was verricht een gedeelte van de aanneemsom opeisbaar te verklaren. Daarmee hebben zij zelf de prestatie en de tegenprestatie gesplitst in gedeelten die, naar mag worden aangenomen, een zekere mate van evenredigheid vertonen. De tot en met het gereed komen van de begane-grond-vloeren verrichte werkzaamheden komen volgens partijen zelf overeen met 20% van de aanneemsom.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8233587397c2aae8b56f9d834e0eb8cd37c1f07c560c894abce4dd1d2337ba37. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8233587397c2aae8b56f9d834e0eb8cd37c1f07c560c894abce4dd1d2337ba37, en de alinea staat in dat document op bytes 18107 tot 18902.