Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 september 2016

Onder 3.33 Parket bij de Hoge Raad 16 september 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:929.

De klacht berust op een onjuiste lezing van ’s hofs arrest. De overweging in rov. 3.5, laatste volzin luidt: “ Daarbij komt aan de positie van Vara een bijzondere betekenis toe gelet op enerzijds de taak van de pers om informatie en ideeën van publiek belang te verspreiden en om zijn vitale rol van publieke waakhond te spelen, en gelet op anderzijds het recht van het publiek om informatie en ideeën te ontvangen .” De overweging is ontleend aan en in overstemming met jurisprudentie van het EHRM. Het hof heeft met deze overweging (slechts) tot uitdrukking willen brengen dat het bij zijn beoordeling rekening zal houden met de vitale rol van Vara (de pers) in een democratische samenleving. In dit kader heeft het EHRM herhaaldelijk geoordeeld – en ook de Hoge Raad – dat de pers niet alleen de taak heeft om informatie en ideeën van publiek belang te verspreiden, maar dat het publiek eveneens het recht heeft om deze te ontvangen. Als dit anders zou zijn, zou de pers immers niet in staat zijn om zijn vitale rol van ‘public watchdog’ te vervullen. Anders dan het subonderdeel veronderstelt, heeft het hof niet geoordeeld dat het publiek recht heeft op ontvangst van informatie en ideeën zonder meer .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96c52ecdf607f4861d99d1c1a715cff15e009401ca182bfbf8c7df9081342c8d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96c52ecdf607f4861d99d1c1a715cff15e009401ca182bfbf8c7df9081342c8d, en de alinea staat in dat document op bytes 86454 tot 87952.