Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:935.

De rechtszekerheid én de eisen van een behoorlijke rechtspleging verlangen dat definitief geworden rechterlijke uitspraken niet meer opnieuw ter discussie kunnen worden gesteld. Als echter, nadat een uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan, blijkt dat de uitspraak is gebouwd op – samengevat – oneerlijk handelen van de wederpartij of van een belanghebbende in de procedure, eist de rechtvaardigheid dat de uitspraak toch kan worden opengebroken. Het buitengewone rechtsmiddel herroeping is dan ook een door de rechtvaardigheid gevorderde laatste mogelijkheid tot correctie op deze onaantastbaarheid. Dit betekent dat het rechtsmiddel uitsluitend behoort open te staan als het werkelijk om ernstige inbreuken op de rechtvaardigheid gaat .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbe9238da539d5e4ce65686393368f8766cb1c5fb2e0754f7f8d6c6602411831. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbe9238da539d5e4ce65686393368f8766cb1c5fb2e0754f7f8d6c6602411831, en de alinea staat in dat document op bytes 18448 tot 19271.