Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016

Onder 2.32 Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:935.

Subonderdeel 1.7 klaagt subsidiair dat onbegrijpelijk is dat het hof geen onderscheid heeft gemaakt tussen de staat Irak en de centrale bank van Irak als procespartijen, gezien de door Irak c.s. specifiek op dit punt gestelde oneerlijke proceshouding van [verweerster] omdat de centrale bank van Iraks op geen enkele wijze was betrokken bij dit geschil, [verweerster] de rechter op dit punt heeft misleid en [verweerster] wist dat de kans op een verstekprocedure groot was en er dan geen vragen door de rechter gesteld zouden worden over de grondslag van de gestelde aansprakelijkheid door de centrale bank van Irak .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fbe9238da539d5e4ce65686393368f8766cb1c5fb2e0754f7f8d6c6602411831. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fbe9238da539d5e4ce65686393368f8766cb1c5fb2e0754f7f8d6c6602411831, en de alinea staat in dat document op bytes 40796 tot 41546.