Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016

Onder 3.45 Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:938.

Deze opmerking sluit aan bij de op dat moment reeds bestaande praktijk, waarin de toewijsbaarheid van buitengerechtelijke incassokosten door de rechter veelal ambtshalve werd beoordeeld en waarbij eisen werden gesteld aan de stelplicht van de eiser en waarbij zowel bedongen als niet-bedongen incassokosten ambtshalve werden getoetst (vgl. de aanbevelingen in de rapporten Voor-werk II en thans nog BGK-Integraal). Weliswaar brengt het stelsel van forfaitaire vergoeding conform het Besluit mee dat de omvang van de verrichte werkzaamheden noch de hoogte van de incassokosten aan een nadere beoordeling is onderworpen, maar dit stelsel strekt er niet toe de bescherming van de consument-schuldenaar in ‘processueel’ opzicht te verminderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec7241d4d17263fb9458de9f528c853c7bb07f3e22b385e1a757f16f82817652. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec7241d4d17263fb9458de9f528c853c7bb07f3e22b385e1a757f16f82817652, en de alinea staat in dat document op bytes 76574 tot 77394.