Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016

Onder 3.2 Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:938.

(i) De wet regelt wanneer en tot welk bedrag buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn in de in het Besluit bedoelde gevallen (kort gezegd: van contractuele geldschulden; AG) indien de schuldenaar een natuurlijk persoon is, die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf (art. 6:96 lid 5 BW). Het vorderen van hogere incassokosten is niet mogelijk, van een lager bedrag wel. Deze kosten blijven verschuldigd indien het tot een procedure komt (‘zij verschieten niet van kleur’) en kunnen, indien bedongen, niet door de rechter worden gematigd (art. 6:96 lid 5 BW, art. 241 en art. 242 lid 2 Rv).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec7241d4d17263fb9458de9f528c853c7bb07f3e22b385e1a757f16f82817652. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec7241d4d17263fb9458de9f528c853c7bb07f3e22b385e1a757f16f82817652, en de alinea staat in dat document op bytes 16890 tot 17589.