Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016
Onder 3.8.1 Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 september 2016, ECLI:NL:PHR:2016:938.
Ik merk nog op dat KBvG (s.o. nrs. 5.3.24-5.3.25) aan het slot van haar bespreking van de vragen c en d een lans lijkt te breken voor toepassing van de verzendtheorie. KBvG wijst op de parallel met de regeling van de bestuursrechtelijke geldschulden in de Awb en oppert de mogelijkheid om, in overeenstemming met de Awb, de woorden “aanvangende de dag na aanmaning” in art. 6:96 lid 6 BW te lezen als “na die waarop de aanmaning is toegezonden”.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec7241d4d17263fb9458de9f528c853c7bb07f3e22b385e1a757f16f82817652. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec7241d4d17263fb9458de9f528c853c7bb07f3e22b385e1a757f16f82817652, en de alinea staat in dat document op bytes 29085 tot 29551.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec7241d4d17263fb9458de9f528c853c7bb07f3e22b385e1a757f16f82817652 | shasum -a 256